Als een oude jonkman vader wordt!

Het mooie aan nieuw vaderschap op rijpere leeftijd is dat je als ouder een tweede kans krijgt. Er ligt in mijn geval zo’n 25 jaar tussen mijn oudste en mijn jongste lieverd, en een mens evolueert nogal in een kwarteeuw. Fouten uit het verleden kunnen vermeden worden, een frisse – meer met ervaring doordrongen – aanpak is mogelijk, dringt zich zelf op.

Niet dat ik door een plotse opwelling van zelfanalyse tot een lijst met opvoedkundige tekortkomingen ben gekomen die ik bij mijn jongste kroost kost wat wil moet vermijden, mijn oudste kroost onderhoudt met voldoende regelmaat, immer voorzichtig en liefdevol weliswaar, dat lijstje in mijn plaats. Confrontatie is niet alleen leerrijk, het is ook verondersteld mensen dichter tot mekaar te brengen.

Bij mijn eigen moeder stond ergens op een keukenrekje naast het kookboek van de Boerinnenbond misschien wel een of ander naslagwerk over opvoeding. Eerder een dan ander en zeker gespeend van Christelijke waarden en met het lijstje doodzonden ter herinnering keurig na de index als laatste bladzijde. Van enige gestudeerde of bestudeerde raadgevingen over hoe ze haar kinderen praktisch moest grootbrengen was in die tijd geen sprake. Kijk maar naar het resultaat.

Toen ik op mijn vijfentwintigste aan de eerste kinderen begon, had ik waarschijnlijk omtrent opvoeding even weinig bagage als mijn ouders. Of daar was ook toen blijkbaar geen behoefte aan, of we waren er redelijk naïef van overtuigd dat ook dat wel vlot zou lopen. We waren tenslotte niet van gisteren, hadden mogen studeren en kenden welvaart, ook al hadden we vader amper gezien. De nonnen en Jezuïeten maakten het onze ouders gemakkelijk, dat moesten ze voor onze kinderen nog maar eens overdoen, wij wilden werken.

Ik leef vandaag midden in een generatie mensen die wat kinderen betreft relatieve laatbloeiers zijn. Ze zijn van midden tot eind de jaren tachtig jong van huis ‘weggelopen’ omdat alles dan wel veel anders moest of kon, hebben vervolgens een leven uitgebouwd waar naar evenwicht werd gezocht tussen werk, persoonlijke vrijheid en vermaak, waardoor tenslotte de kinderwens eerder in de leeftijdsfase tussen 33 en 38 ontstond met alle gevolgen van dien. Deze mensen rationaliseren meer, weten dat ze hooguit één of twee nakomelingen zullen hebben want voor meer is te veel tijd verlopen, en zijn plots geconfronteerd met een nieuwe situatie waar ze tot dan blind voor waren: kinderen, dat was iets wat anderen hadden, de verantwoordelijkheid van het ouderschap was jarenlang een verdrongen thema, de spaghettisaus lag immers onder de kinderstoel op de grond een paar tafeltjes verder in hun favoriete restaurant, ver genoeg, een andere wereld.

En een nieuwe markt viel open. Auteurs – al vaker zonder ervaring dan met – kregen gretige contracten van uitgeverijen die het gat hadden gezien en diversificatie hadden geroken… de boekenkasten zouden uitpuilen van raadgevende werken om deze nieuwe generatie oudere ouders uit de nood te helpen.

Een Weense vriend van me viert op 43-jarige leeftijd eind deze week zijn vrijgezellenavond. Ik vind dat zoiets op die leeftijd verboden zou moeten worden, ik heb er liever vrouwen bij. Hij trouwt de week daarop met zijn 38-jarige hoogzwangere vriendin en wenst volgens zijn officiële uitnodiging op zijn (laatste echte) vrije mannenavond boeken en raadgevingen van vrienden met de nodige ervaring die hij dan rustig kan doornemen tegen dat begin december zijn dochtertje geboren wordt. Buiknaam: Ella. Iets anders dan prenatale oefeningen, ademhalingstechnieken en bekkentraining staat niet op zijn programma, hij heeft gepland die allemaal mee te maken. Ella, die tegen haar geboorte ook nog Ursula of Hildegarde kan heten, staat nu al onder druk omdat ze hoe dan ook geboren moet worden, liefst op de voorziene datum, dat is door de ongeduldige ouders zo gepland.

Ik schenk hem het artikel uit Die Zeit Magazin dat ik hier voor u vertaalde en waarvan ik de lectuur ten zeerste kan aanbevelen, en hij krijgt ook nog een ‘overlevingsbox’.

Daarin zit: een nieuwe versie van de Kamasutra, een fles Lagavulin, een abonnement voor 1 (één) persoon voor het massagesalon om de hoek, een fles Brunello die alleen onder vrienden en zonder kinderen mag worden ontkurkt, 1 (één) ticket voor Leonard Cohen in de herfst, een blister aspirine, een punchbal met bokshandschoenen, een flesje K2 vlekkenverwijderaar, oordopjes en de goede raad de rest van zijn leven even gelaten te nemen als voordien.

Want meer dan zijn best kan de man niet doen, en fouten maakt hij toch, “pedagogische lacunes” zoals mijn oudsten het noemen zijn onvermijdbaar.

En voor als hij het echt niet meer ziet zitten sluit ik ook nog een (al eerder aangehaalde) spreuk bij voor boven zijn bed.

Aan de voorkant staat:

“Alles wordt beter!”

Aan de achterkant:

“Maar nooit meer zoals voorheen!”

Kwestie van de ontnuchtering zo vroeg mogelijk te laten plaatsvinden, het verkort tenminste de pijn. Suggesties voor de box zijn welkom, maar dan snel en liefst voor donderdagavond.

 

Roel Verschueren, Wenen 25 augustus 2009

tot na 15 september, ik spring er even tussenuit.

Het artikel “Mijn kind kan het!” – is hier te lezen