Buitenlanderland



Omdat mijn voornaam in België – laat staan in Wenen – niet veel voorkomt, heb ik nooit dat gevoel dat alle Jannen of Thomassen moeten hebben als op de tram of in de metro iemand hun naam roept. Omkijken, ook als zij niet worden bedoeld maakt deel uit van hun dagelijks leven.


Sinds ik in Oostenrijk woon – ondertussen toch al zo’n zes jaar – voel ik me echter wel direct aangesproken als in een krant, een weekblad of verloren nieuwsitem het topic “buitenlander” wordt behandeld. Alsof iemand mijn naam roept en om aandacht vraagt.


Het woord “Auslander” dekt een ongelooflijk beladen aantal betekenissen waarvan ik de nuances wel begrijp, maar die aan de Oostenrijker lijken voorbij te gaan. Een aantal betekenissen waarvan de invulling afhankelijk zou kunnen zijn van de context: politiek-maatschappelijk, sociaalgeografisch, religieus, economisch zelfs etnisch… een ‘buitenlander’ heeft een vrij in te vullen emotioneel gehalte, waardoor het volgens mij een alom dekkend woord is, dat voorzichtig en correct moet worden gebruikt.


Niet zo in Oostenrijk. Hier wordt geen onderscheid gemaakt, is deze nuancering ongekend, is afkomst onbelangrijk. Het zijn enerzijds de Oostenrijkers  en aan de andere kant staan de buitenlanders. Buitenlanders zijn anderzijds, en dat is een Oostenrijks axioma. Niet dat ik me als ‘buitenlander’, dus als niet-Oostenrijker, beter voel dan om het even welke andere buitenlander, maar zelfs iemand die geen adres in België meer heeft, hier werkt, sociale zekerheid betaalt en officieel in Wenen woont is en blijft een buitenlander. Ik heb het niet over een gevoel, mijn gevoel, ik heb het over een verworven waarheid die het de autochtonen makkelijker moet maken zich uit te drukken en positie in te nemen in elk debat.


Toch, er is hier ten lande een nuance: er zijn asielzoekers en andere buitenlanders. Dat is het enige onderscheid dat de Oostenrijker, ook elke dag opnieuw in de pers, bereid is te maken. En ze hebben met asielzoekers een ander soort probleem dan met 'de buitenlanders', wat echter inherent inhoudt dat ze met beiden een probleem hebben.

Dat vooral – maar niet uitsluitend – ultrarechts en rechts deze populistische tegenstelling tussen “ons” en “zij” hanteert verwondert al lang niemand meer.

Het maakt de slogans eenvoudiger, detaildiscussies worden uit de weg gegaan en het gevoel van eenheid onder de echte Oostenrijkers (zelfs niet de als buitenlander in Oostenrijk geboren Oostenrijkers) wordt zwaar gestut. Dat echter geen enkel medium deze ingeburgerde afwijking overstijgt, baart me dagelijks zorgen.


Het gehalte aan negatieve connotaties dat systematisch aan het woord ‘buitenlander’ wordt gekleefd maakt dat het hier verworden is tot een scheldwoord. Daar is geen ontkomen aan. Nuance en fijngevoeligheid moet je van de doorsnee Wener in deze materie niet zoeken. Gewoon omdat de Oostenrijker het zo wilt. Ik weet niet in hoeverre ze zichzelf nog altijd de buitenlanders van hun Dietse Heimat voelen en ze daarom honkvast de rangen sluiten in een soort van solidaire reactie tegen de verslagenheid en dat de rest van de wereld dat dan ook maar moet ondervinden, maar je zou verwachten dat ook in deze materie tijd raad brengt, wonden heelt. Niet dus, en dat zal ook elke buitenlander geweten hebben.

Er is hen bij de toetreding tot de EU blijkbaar iets essentieels ontgaan, misschien heeft iemand hen vergeten uitleggen waarover het gaat.

Een Vlaming is in Wenen geen buitenlander zoals de media het bedoelen, maar een Europees medeburger die zijn recht uitoefent om als gelijke te worden behandeld in een Europees land waar hij niet geboren is. En dat zou niet zo maar een regeltje uit een verdrag mogen zijn.


Het venster waardoor de Oostenrijker naar de wereld kijkt is niet meer dan een klein luikje, de woordenschat over het onderwerp vaak beperkt tot een paar eenvoudige clichés. Voor een land dat zich de navel van Europa noemt een wat dubieuze positie, op zijn minst.

Ik begeleid graag iedereen die het wilt achter de façade van de “Gemütlichkeit”, van de vaak geveinsde gastvrijheid die nooit vrijblijvend is.


En op de vraag waarom ik hier dan blijf hangen als dat dan toch mijn mening is, is het antwoord al gegeven. Omdat ik het recht heb en daar als Europees burger niemand verder rekenschap moet over geven.


En op de vraag waarom ik in mijn columns zo kritisch ben, is het antwoord dat dit de aard van het beestje is.


Roel Verschueren, Wenen 13 oktober 2009